Wat willen ‘jonge’ quilters

Voor het Quiltersgilde heb ik interviews gedaan om erachter te komen wat de jongere quilters onder ons willen. Dit vooral met het oog op de toekomst en de ledenwerving. Nieuwe leden zijn namelijk nodig om ons prachtig gilde te laten blijven bestaan. Jong betekent dus niet per se jong in jaren, maar ook jong in quilt-ervaring of lidmaatschapsjaren!

Onderzoek

Het feit dat het me redelijk veel moeite heeft gekost om jonge quilters te vinden zegt niets goeds over de status van jong of nieuw-quiltend Nederland. Daarom deze centrale onderzoeksvraag:

‘Waarom zijn er weinig nieuwe quilters  en wat missen ze bij het Quiltersgilde?’

Dat is de hoofdvraag van een mini-onderzoek dat ik gedaan heb voor het Quiltersgilde. Met de opmars van haken, breien en andere creatieve hobby’s kon ik me namelijk niet voorstellen dat quilten ‘uit’ zou zijn. In dit artikel zal ik kort uiteenzetten welke antwoorden ik gevonden heb.

Waar komen jonge quilters vandaan?

Om maar bij het begin te beginnen: waar komen nieuwe quilters vandaan? Groeien ze in de kolenstof waar mijn moeder zo van houdt? Worden ze gebracht door die leuke borduurschaartjes in de vorm van een vogel? Groeit een quilter in een cocon gemaakt van alle restjes, die de doorgewinterde quilter bewaart om zeker nog eens te gebruiken? Kortom hoe maakt een persoon de transitie van ‘gewoon mens’ tot quilter?

Helaas bleek dit proces lang niet altijd zo liederlijk te zijn als net beschreven. De meeste quilters in spé worden aangestoken door een vriendin,  moeder of  oma (en in sommige gevallen een lieve buurvrouw). Dit heeft als bijkomend voordeel dat de quiltkuikens meteen kunnen medegebruiken in de materialen en stoffencollectie van de moeder of vader quilter.

Zonder deze steun wordt quilten namelijk als niet laagdrempelig genoeg gezien. Er is geen kant-en-klaar pakket te krijgen, dit is bij borduren bijvoorbeeld wel mogelijk, en het is lastig te zien wat er echt gekocht moet worden alvorens te kunnen beginnen. Hierdoor wordt quilten als een dure hobby gezien. Ook is het aanbod van wat je kan maken beperkt in de ogen van aankomende quilters. Voor hun gevoel moet je al bijna meteen een kingsize lappendeken maken, terwijl zij veel liever eerst een pannenlap of onderzetter zouden maken.

Oud VS nieuw of oud ÉN nieuw?

Bijna alle verse quilters gaven aan het aanbod van patronen in Quiltnieuws te beperkt te vinden. Ze vinden de bloemen applique quilts en log cabbins prachtig, daar niet van. Maar ze zouden ook af en toe een quilt willen maken van een videogame of Phineas and Ferb of een bekende youtuber voor een bevoorrecht kleinkind.

Dat betekent niet dat we nu allemaal alleen nog maar Minecraft quilts kunnen maken. Of moderne stoffen moeten kopen met memes en alle quiltboeken verruilen voor YouTube en TikTok.  Ook hoeven de reproductie stoffen niet naar het archief. De ‘Dear’ in Jane kan blijven als liefkozing en wordt geen XXX. De Farmers Wife hoeft niet verbannen te worden naar de aardappelkelder.

Uit het onderzoek bleek dat er onder nieuwe quilters net zo’n verscheidenheid aan stijlen en voorkeuren bestaat als bij onze trouwe leden van het Quiltersgilde. De een houdt van reproductie stoffen en de ander richt zich vooral op de nieuwste stoffen die ze maar kan vinden. Persoonlijk ben ik ook jong en nog priller als quilter dan menig ander nieuwe quilter en  combineer ik graag historische patronen met modernere stijlen.

De conclusie hieruit is dat het aantrekken van jonge, nieuwe quilters niet betekent dat er heel veel hoeft te veranderen binnen het Quiltersgilde. En we hoeven er zeker niets om te verliezen.

Dus wat willen de quilters die hun stoffencollectie nog in 1 klein kastje kwijt kunnen?

Het meest genoemde gemis was laagdrempeligheid. De geïnterviewden voelen  een te grote afstand tussen het absoluut beginner zijn en de kundigheid van de leden van het Quiltersgilde. En daarmee wordt niet alleen het technisch niveau van de quilts bedoeld, maar ook het aantal notions (materialen zoals snijmat, mes, liniaal en dergelijke red.) dat nodig (lijkt) te zijn om te kunnen gaan quilten en de prijs van stof. Notions en stof is niet goedkoop, dus een eerste quiltproject wordt als een te groot risico of investering gezien.

De suggestie is dan ook om op de website en in het blad meer ruimte te maken voor mensen die nog niet zoveel weten van quilten. Die ruimte kan gevuld worden met tips voor notions die je echt nodig hebt, goedkope alternatieven en tutorials voor patronen en technieken.

Een ander punt is het creëren van vertrouwen dat fouten maken erbij hoort. Dit kan door ruimte te maken voor flaters en quilts die technisch gezien niet perfect in elkaar zitten. Nieuwe quilters zien bijvoorbeeld op de voorkant van het blad graag ook eens een quilt met wat ‘eigen aanpassingen’. Dit zal ze als beginnelingen meer het gevoel geven onderdeel te zijn van een grotere gemeenschap. Nu wordt het nog te veel gezien als een groep waar je pas echt lid van kan zijn met 20+ jaar ervaring.

Een buddysysteem kan al deze suggesties aanzwengelen. Daarbij koppelen we een verse, gretige, maar nog heimelijke, lapjes-staarder aan een ervaren quilter. Om kennis, ervaring en eventueel materiaal te delen. Op die manier wordt de piepjonge quilter ingewijd. Ze kan al haar vragen kwijt aan iemand die alle waardevolle ervaring van jarenlang quilten kan delen!

Wat vind je van de resultaten? Heb je suggesties aan de hand van de resultaten van de volgende stap verder? Heb je (betere) ideeën hoe jonge leden aan te trekken dan in mijn verhaal? Reageer hieronder of stuur me een mailtje: Rianne.doller@quiltersgilde.nl

5 antwoorden
  1. Ans Kouwe-Ickenroth zegt:

    Goed idee om mensen aan elkaar te koppelen. En…het is natuurlijk erg gezellig om samen te kunnen quilten naast het leren van elkaar!

    Beantwoorden
  2. Birgitte zegt:

    Ik vind mezelf ook een jonge quilter. Autodidact op quiltgebied. En de eerlijkheid gebiedt me te zeggen dat veel zich helaas niet in mijn regio afspeelt, bv winkels, tentoonstellingen, etc.
    In het blad mis ik kleinere projectjes, waar je verschillende technieken kunt leren. En fotoos. Technieken worden nu vaak in woorden verteld, met veel termen. Als dat ondersteund wordt door stap voor stap fotoos, scheelt dat enorm. Hetzelfde geldt voor een tekening of schets van het project. Idd ik ben een beelddenker.
    Een ander idee is om techniekkaarten toe te voegen. Bladen die je uit het blad kunt halen en apart bewaren als naslag.

    Beantwoorden
  3. Nienke zegt:

    Wat een mooie weergave van wat je gehoord hebt. Het intimiderende van de vakkennis herken ik uit mijn eerste jaren. De ATT geeft gelukkig altijd een breed beeld van niveaus en invalshoeken, dat heb ik altijd leuk gevonden. Veel aanknopingspunten, dank voor het delen!

    Beantwoorden
  4. Ingrid zegt:

    Waar ik nu tegenaan loop als semi-jonge quiltster én lid van het Quiltersgilde? De activiteiten die worden georganiseerd, buiten Covidtijd, vinden zo goed als allemaal binnen werkdagen plaats. Als ik naar de foto’s achteraf kijk, zie ik inderdaad ook zelden een jonge quilster terug. Dus mocht het gilde regiodagen voor jonge quilsters willen organiseren, dan graag in het weekend.

    Beantwoorden
  5. Gré zegt:

    Ik ben 7 jaar geleden begonnen met de aanbieding van een beginnerscursus voor €50,-. Dat was een super binnenkomer voor 5 keer een cursus (met de hand). Daarbij kwamen inderdaad lapjes, naaldjes en nog meer gerei. Wel vind ik het belangrijk om zelf stofjes te kunnen kiezen. Soms zie ik ook aanbiedingen van cursus en verplicht de materialen afnemen. Vind ik dus echt niets. Of bied wat royaler aan, geef een keuze en geef goed aan wat je er mee kunt maken. Mijn 2e cursus begon ik mee. Ik wilde een tafelloper maar, maar moest gaande weg aangepast worden tot een tafelkleed, om alle technieken er in te kunnen verwerken. Op zich gaat er ongemerkt inderdaad heel wat geld in zitten. Ik kon dit nu betalen, maar moest echt nog een drempel over, omdat ik altijd met een smalle beurs heb moeten leven. Slim zou dus ook zijn om tips te geven hoe je ook aan goedkope geschikte stoffen kunt komen. Markt, kringloop, oude kleding. Bedenk wat echt nodig is en wat ook aangepast zou kunnen worden. Is die naald echt persé nodig om te leren pathworken en quilten of kan dit ook in een later stadium? Denk echt meer aan mensen met een kleine beurs. Ik weet van een quiltvriendin dat de groep haar zo ongeveer weg keek omdat ze van de kringloop stoffen kocht. Dit was voor haar betaalbaar. Ze heeft zelfs jaren hierdoor de moed opgegeven, want ze moest echt die lapjes etc gebruiken, dan was het pas goed. En fouten maken, dat hoort erbij. Het mooiste vond ik dat mijn leidster zei ‘als er een fout is of je heb net te weinig stof, dan biedt het mogelijkheden om het op te lossen en vaak zijn de resultaten dan extra verrassend. Ik elke quilt van mij zijn genoeg ‘ongeregeldheden’ te vinden. Ik zie anderen keurig rechte lijnen stikken en schijnbaar foutloos eindeloos creëren. Als ik dat als doel heb kan ik beter meteen stoppen. Het gaat om het hart, om de creativiteit om het proces, de vreugde van het bezig zijn en ook weg te kunnen geven. Mijn kleinkinderen zijn heel blij met hun dekenquilts, mijn (ex)collega’s vertellen met vreugde over wat ik gaf en wat ik erbij vertelde hoe het tot stand kwam. Ze zijn apetrots op wat ze kregen. Het raakt harten. Dat is voor mij het belangrijkste. Ik dus kant en klaarpakket quilter. Ik ben een ‘naar hartenlust conbineerquilter’ en gebruik allerlei technieken en mogelijkheden (haken, borduren of misschien ook nog …) en doe er mijn eigen ding mee ook dat vind ik bij deze hobby zo super passend.

    Beantwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.