Blogbericht geschreven door Janine van Dijk, commissie Traditioneel
Het nieuwsitem uit de nieuwsbrief van eind juli, leverde verschillende reacties op. Te leuk om jullie te onthouden.
Joke de Lange
Joke vertelt dat zij in 2023 een Australisch tijdschrift kreeg, waarin een artikel over deze vorm van patchwork: het hourglass (for Elizabeth). Zo’n quilt bestaat niet zomaar uit driehoekjes, maar officieel horen de ontstane vierkanten ook nog allemaal verschillend te zijn.
Dat leek me wel een uitdaging en ik ging aan de slag met het verzinnen van een patroon en het verzamelen van heel veel verschillende lapjes in de benodigde kleuren.
Als basis koos ik een strook stof met dames op een muurtje aan het strand.
Ooit, heel veel jaren geleden, was ik op de tentoonstelling van het Quiltersgilde in Leiden, en daar had iemand deze stof verwerkt. Tientallen jaren later trof ik die stof aan in de collectie van De Lindehof in Zalk. Meteen besteld, natuurlijk!
Mijn quilt stelt een landschap voor, met boven de dames de zee en de lucht, en onder de dames het strand en wat begroeiing. Ik heb in de naad gequilt, maar dat vond ik onvoldoende. Een quilt wordt er mooier van als je méér quilt. Ik ben dus begonnen om in veel ‘molens’ nog een diagonaal vierkantje te quilten, maar daarmee ben ik nog niet klaar. Verder wil ik de contouren van de dames en hun handdoeken nog doorpitten, zodat die er beter uitspringen.
Het is me nét niet gelukt om echt alle ontstane vierkanten verschillend te laten zijn, maar ik ben toch blij genoeg met het resultaat om dat jullie te laten zien.
De quilt ‘Summertime’ is ongeveer 100 x 145 cm
Christine Pepping
Christine stuurde ook foto’s van haar driehoekjesquilt. Ze heeft slechts twee verschillende lappen stof gebruikt en in driehoeken geknipt. Ze is toen gaan spelen met de vierkanten. Zo leuk geworden!
Jeanine Keirsmaekers
Tenslotte ontvingen we van Jeanine twee foto’s van quilts met driehoekjes in weer een andere sfeer. De quilt (rechts op de foto) opgebouwd rondom randen met vrolijke meisjes en hun jurkjes, bevat twee rijen met blokken uit driehoeken. Dit werd een droomdekentje. De kleuren passend bij de afbeeldingen, samen met de hexagonnenrand, maken het tot een mooi geheel.
Hartelijk dank voor het laten zien van jullie quilts! Er zijn veel mogelijkheden om driehoekjes te verwerken. Leuk om jullie variatie te zien.
Speciaal voor het sitsenproject ‘De Hollandse Tuin 2.0’ is een serie blogverhalen geschreven door verschillende quilters. Allerlei onderwerpen passeren de revue. Het kan gaan over boeken met patronen of juist over één patroon. Er wordt geschreven over praktische tips bij het werken met deze bijzondere stoffen. Verhalen die je op weg kunnen helpen tijdens het werken aan dit sitsenproject ‘De Hollands Tuin 2.0’.
Dit keer Sitsen, ontstaan en gebruik
Toen de serie sitsen van de Hollandse Tuin in beeld kwam, vertelde ik dat aan mijn vriendin. Zij vertelde naar een expositie te zijn geweest in Hoorn in 2004 “Quilts met zwierig bloemwerk”, die geheel gewijd was aan sitsen. Het was lang voordat ik quilten had ontdekt. Van haar kreeg ik de catalogus die zij had bewaard en ik verdiepte me in het ontstaan en het gebruik van sitsen.
Sitsen (ook wel chints genoemd) zijn oorspronkelijk met de hand beschilderde en later bedrukte katoenen stoffen . Zij hebben meestal patronen met bloemen, bomen en andersoortige vruchtbaarheidssymbolen. In de VOC documenten stond ”stoffen met zwierig bloemwerk”.
In Nederland heeft men bij het maken van quilts veel gebruik gemaakt van deze fijne katoenen stoffen. Deze stoffen worden nu nog gedrukt in Engeland en Frankrijk.
Sitsen worden vaak gebruikt bij het maken van werkstukken met geometrische vormen en traditionele patronen, waarbij de keuze van het motief van de stof belangrijk is. Daarom kom je die stof bijna niet tegen in moderne of art-quilts. Bij deze quilts is het dessin niet belangrijk maar gaat het in hoofdzaak om kleur en ontwerp.
VOC
Bij producten die de VOC naar Nederland bracht, denk je aan kruiden, thee en porselein. Maar ook textiel hoort daarbij. In Engeland hadden ze al gezien dat invoer van katoen en zijde veel geld opleverde. De VOC was voorzichtig met deze handel. Hollands textiel: linnen, fluweel, tafellinnen, zeilen en zgn. ‘pijlaken’ (een grove wollen stof) werd wel uitgevoerd.
Halverwege de 17e eeuw werd pas geruite of gestreepte katoen uit India ingevoerd, maar ook sitsen. In 1673 kwam Perzische zijde en Indiaas textiel bij Enkhuizen binnen in een grote variëteit wat het weefsel betrof, maar ook de decoratietechniek. Deze stoffen waren een openbaring, hier was men nog niet in staat zulk fijn katoenen weefsel te maken. Hier kende men alleen ruwe katoenen stoffen. Het proces om deze stof te schilderen was onbekend. De stof werd dus met blijdschap ontvangen. De stof bleek ook goed wasbaar. Het werd een modeartikel, voor kleding en voor interieur.
Techniek
Natuurlijk werd de stof nagemaakt. Tot halverwege de 19e eeuw werden daarbij alleen natuurlijke kleurstoffen gebruikt. Pigment is een onoplosbare stof en wordt met een bindmiddel op de stof geplakt. Dat dringt diep in de vezels door en kleurt de stof in zijn geheel. Door de stof te verven, in een verfbad te weken, of te beitsen krijgt het de kleur. Stof beitsen is de kleur met een metaalzout mengen. De hoofdlijnen werden met een stencil aangebracht of met behulp van een doorgeprikte tekening werd houtskool op de stof te geklopt. Rood, paars en zwart werden gemaakt door de stof te behandelen met verschillende beitsen en dan in een rood verfbad van meekrap te kleuren.
Voor blauwe stoffen werd indigo gebruikt. Een lastig proces omdat indigo niet in water oplost. Voor geel werd kurkuma of geelwortel gebruikt op witte stof en op blauwe vlakken wordt het daar groen.
Tot slot werden de stoffen behandeld met rijstwater voor meer stevigheid en daarna gepolijst of gekalanderd voor gebruik. Het kreeg daardoor ook meer glans.
Exotische bloemen, planten, bomen en vruchten kwamen het meest voor. In de Oosterse kunst hebben deze afbeeldingen vaak een religieuze en/of symbolische betekenis. De levensboom komt al in de 13e eeuw voor op Perzische miniaturen. Later kwamen daar westerse invloeden bij toen de VOC in India stoffen bestelde met eigen wensen voor de Europese markt. Maar het maken van drukblokken, verven van de stof naar aanleiding van de westerse wensen, het tijdrovende vervoer via schepen en de wisselende mode, bleek een moeizaam proces.
De eigen textielnijverheid in Nederland kreeg het zwaar te verduren. De vraag naar de nieuwe stoffen was groot en daar kon niet aan voldaan worden zonder import.
In Amersfoort werd in 1678 de eerste katoendrukkerij opgericht. Twee Amsterdamse stoffenkooplieden richten die op. Een van hen, Jacob ter Gou had tijdens zijn dienstverband met de VOC de kneepjes van het vak in India gezien.
De volgende drukkerij kwam in Amsterdam. Men gebruikte de Oost-Indische manier, met de beitstechniek in wasechte kleuren. De stoffen in Europa werden altijd gedrukt, nooit geschilderd, maar men bleef het sitsen (met gravure) noemen. Eerst drukte men met houtblokken, later met drukplaten en tenslotte met cilinders. Dit laatste drukproces is ook de manier waarop de stof uit de serie de Hollandse Tuin is gedrukt.
Tot ca. 1750 nam Holland met tachtig katoendrukkerijen in Amsterdam en Rotterdam de leiding. Daarna werd de concurrentie met Engeland en Frankrijk te groot.
Gebruik
Omdat de stof duur was, was het zonde om restjes weg te gooien. Restjes werden daarom verwerkt in bijvoorbeeld babykleding. Waarschijnlijk zijn daardoor ook de lappendekens ontstaan.
In de Nederlandse lappendekens uit de 18e en 19e eeuw zijn vaak kostbare stoffen als sits verwerkt en over het algemeen heel zorgvuldig in elkaar gezet.
Patchwork bestaat in eerste instantie uit lapwerk, pas later werd het een lappendeken of quilt. Quilt is een Engels woord dat eigenlijk gewatteerde of doorgestikte deken betekent. Dekens moeten doorgestikt worden zodat de stoffen niet verschuiven. Het woord “quilt” is van oorsprong Latijns “culcita”, in het Frans verbasterd tot cuilte.
Lapwerk heeft een negatieve betekenis, zo willen we de mooie dekens niet noemen. Pas in de jaren 70 werden de woorden patchwork als handwerktechniek en quilt in Van Dale opgenomen.
Veel van de in Nederland bewaard gebleven lappendekens zijn opgebouwd uit lichte en donkere driehoekige lapjes die met elkaar vierkante blokken vormen.
Bron: Archiefdienst Westfriese Gemeenten Hoorn, het VOC archief en “Quilts, een Nederlandse traditie” van An Moonen.
https://www.quiltersgilde.nl/wp-content/uploads/2026/07/Sitsenproject-Janine-aug-2026-1.jpg800682Sylvia Jansenhttps://www.quiltersgilde.nl/wp-content/uploads/2019/10/logo-quiltersgilde-300x88.pngSylvia Jansen2026-08-17 08:00:022026-07-29 10:07:57Sitsen, ontstaan en gebruik
Speciaal voor het sitsenproject ‘De Hollandse Tuin 2.0’ is een serie blogverhalen geschreven door verschillende quilters. Allerlei onderwerpen passeren de revue.
Het kan gaan over geschikte boeken met patronen of juist over één patroon. Er wordt geschreven over praktische tips bij het werken met deze bijzondere stoffen. Allemaal verhalen die je op weg kunnen helpen tijdens het werken aan dit sitsenproject ‘De Hollandse Tuin 2.0’.
Dit keer beschrijft Joke van de Kracht het werk van een aantal stofontwerpers. Hun kijk op kleur, vorm en ritme kunnen wellicht inspiratie bieden bij het verwerken van de sits uit de serie de ‘de Hollandse tuin’ die jij uitgekozen hebt om mee te werken.
Rudolf Den Haan is de stofontwerper van de stoffenserie ‘de Hollandse tuin’, de stof waarmee je werkt in dit project. Hij heeft zich laten leiden door de stofsoort, de sits, de oorsprong, de VOC tijd en India waar de sits werd gemaakt en door de tuin. De bloem, het takje met besje, de bloesem heeft hij de hoofdrol gegeven in zijn stofontwerp.
Het drukprocedé van de sits is heel speciaal. Meer over die historie volgt binnenkort. Dat is voor ons quilters niet te realiseren. Maar er zijn wel degelijk druktechnieken te gebruiken voor een quilter die kleur, vorm en ritme kunnen herhalen en/of versterken en heel goed toepasbaar zijn.
Hoe doen stofontwerpers dat toch? Waardoor laten ze zich inspireren? Welke materialen gebruiken ze, welke technieken?
Wilde rokken, Cobra kunst als textiel
Door mijn bezoek aan de tentoonstelling ‘Wilde rokken, Cobra kunst als textiel’, ontdekte ik meer over stofontwerpers en welke technieken zij gebruiken om hun stoffen te ontwerpen. Ik zag de foto van de aankondiging met die prachtige jurk, zoals ik die kende uit mijn jeugd en moest deze expositie zien. Een Cobra-expositie over stoffen! Ik raakte onder de indruk en deel dit graag met jullie. Ga kijken als je de kans hebt. Het museum ligt in het centrum, parkeergarage ernaast én leuke winkels en restaurants maakten de dag voor mijn dochter en mij compleet.
In de tijd van opbouw na een oorlog leverden textielontwerpers ieder hun eigen textielontwerpen aan, elk met een herkenbare beeldtaal.
De jaren vijftig dessins van kunstenaars werden met de hand op stof gedrukt, via de zeefdruktechniek. Het patroon werd met een raam herhaaldelijk aangebracht. Dat was een precies werk. De imperfecties die toch ontstonden versterkten het schilderachtige karakter van de ontwerpen. De zeefdruktechniek kan ook binnen het artquilten gebruikt worden.
Op deze tentoonstelling zag ik dat ook Karel Appel (1921/2006) als stofontwerper zijn sporen heeft nagelaten. Zijn textielontwerpen ontstonden als gouaches op papier. In de vertaling naar textiel bleef je zien dat een schildering de oorsprong was. Appel gebruikte in alle uitvoeringen van zijn werk in textiel kenmerkende stippen, als een echo van eerdere bloemmotieven.
Hij gebruikte vogels als ontwerp voor een stof.
Hier zie je afdrukken van één beeld in verschillende kleurstellingen herhaald op de kleurenstaalkaart die daar hangt. Zijn uitgangspunt, de vogel, de vormen daarbinnen en de herhaling van de hele vorm maken dat er een spannend ritme ontstaat waar je graag naar kijkt.
Ook quilters nemen vaak een tekening als start van een ontwerp. Of je dat nu in traditionele patronen uitwerkt of in afdruktechnieken of je beschildert je stof in Proxion, je getekende ontwerp is je start.
Andy Warhol, the textiles
Op het tweede deel van deze tentoonstelling zie je werk van Andy Warhol. Andy Warhol, the textiles. Een verrassende kant van Andy Warhol, dat hij commerciële textielontwerpen maakte! Dat was mij onbekend. Maar in deze tentoonstelling zie je zijn fascinatie voor herhaling, eigenzinnige motieven en alledaagse beeldtaal. Herkenbare elementen veranderen in speelse patronen. Denk daarbij aan ijsjes, knopen, vlinders…
Wat zijn werk ook bijzonder maakte, is dat hij motieven niet alleen op zijde drukte maar op allerlei stoffen waaronder Jute.
Of zijn eerste sneden uit 1953-55 uit gummen. Met inkt, gouache en collage werden zo motieven opgebouwd. Ook deze technieken bieden de quilter gelegenheid een ontwerp te maken in combinatie met een sits uit ‘de Hollandse Tuin’.
Alledaagse motieven in herhaling plaatsen, werd een van de kenmerkende Warhol elementen. Denk aan zijn soepblikken of koningin Beatrix in verschillende kleurcombinaties.
Daar waar bij de sits bloem, blad, takje en knop gebruikt wordt voor herhaling pakte Karel Appel vogel en stip en Andy Warhol knoop, gesp of ijscoupe.
Daar waar de kleuren van de sits gebaseerd zijn op de kleuren in de Oud Hollandse Quilt, baseerde Karel Appel zich op zijn zo herkenbare persoonlijke kleurenschema. En Andy Warhol gebruikte kleuren die voor ons nu herkenbaar zijn als de jaren ‘50/’60 stijl.
Ga jij, binnen 80 breed en 120 lang, je eigen stofontwerp creëren?
Die zoektocht naar wat jij kunt gebruiken om je quiltontwerp van je eigen kleur, vorm en ritme te voorzien is een hele bijzondere.
Een vorm, de herhaling, het ritme in het beeld , de kleuren en de ondergrond zijn voor de stofontwerpers allemaal keuzes. Evenals de techniek waarin de stof wordt geproduceerd. Vanuit een schilderij, een gouache, een pentekening. In de bekende COBRA tinten of juist de jaren 50 sfeer…
Quilters maken ook voortdurend keuzes, in het patroon, de herhaling die men wil, waarna de afwisseling in kleur zorgt dat het ontwerp spannend blijft.
Grafisch werken kan ook in textiel. Jouw idee om iets te maken kan vanuit ongelooflijk veel technieken vorm gegeven worden. Gebruik je eigen interesse, je eigen vakmanschap, je eigen geliefde materiaal. En vooral geniet van het maken!
https://www.quiltersgilde.nl/wp-content/uploads/2026/07/Blog-sitsenproject-3-aug-2026-5.jpg800600Sylvia Jansenhttps://www.quiltersgilde.nl/wp-content/uploads/2019/10/logo-quiltersgilde-300x88.pngSylvia Jansen2026-08-03 08:00:382026-07-27 11:50:14Sitsen special: Stofontwerpers in de hoofdrol
We zijn heel blij met onze ongeveer 70 vrijwilligers die allerhande werkzaamheden verrichten voor het Quiltersgilde! Maar wie zijn dat eigenlijk? Wat doen ze? En wat houdt hen bezig, met name op het gebied van quilten? Zo ontstond een wens om onze vrijwilligers af en toe eens in de schijnwerpers te zetten. De vorige vrijwilliger in de schijnwerpers, Ida Berens, heeft het stokje doorgegeven aan:
Anneke Wieldraaijer en Anneke Westland
De functie(s) bij het Quiltersgilde
We beginnen met een aantal vragen over het vrijwilligerswerk dat Anneke & Anneke voor het Quiltersgilde doen.
Wat is jullie functie als vrijwilligers bij het Quiltersgilde?
We zijn Anneke Wieldraaijer en Anneke Westland, beter bekend als Anneke & Anneke en regiovertegenwoordigers van Utrecht. Het eerste jaar dat ik (Anneke Wieldraaijer) met pensioen was, kwam ik voor het eerst bij een regiodag. Voorheen werkte ik op dinsdag en in het onderwijs krijg je zomaar geen vrij. Die bewuste dag namen de twee regiovertegenwoordigers afscheid en er werd een dringend beroep gedaan op de aanwezigen om na te denken over het invullen van deze functie. Tja toen begon het wel te kriebelen, in gesprek met een bestuurslid gaf ik aan hier wel over te willen nadenken maar alleen als mijn vriendin Anneke Westland hier ook voor voelde. Zo gezegd, zo gedaan. Ik (Anneke Westland) had ook nog nooit een regiodag bezocht en had mij voorgenomen om in het eerste jaar na mijn pensioen niets aan te nemen, maar na het telefoontje van Anneke dacht ik: waarom niet, laten we het maar proberen. We hadden er beiden wel zin in. Na eerst nog een regiodag te hebben meegedraaid zijn we in het diepe gesprongen en vanaf 2023 organiseren we twee keer per jaar een regiodag en we genieten van de voorbereidingen en van de leuke contacten met onze bezoekers en de degenen die een workshop of lezing verzorgen. Gelukkig hebben we onze mannen en een vriendin bereid gevonden de catering voor hun rekening te nemen.
Kunnen jullie iets vertellen over de activiteiten die je doet voor het Quiltersgilde?
We hebben een goede verdeling van het werk. Ik (Anneke Wieldraaijer) ben meer van de creatieve dingen en ik (Anneke Westland) bevestig de afspraken, regel de financiële zaken en verstuur de uitnodiging. Samen gaan we op pad en zoeken we een leuke quiltwinkel op en nodigen we iemand uit die ons iets kan vertellen over haar geweldige hobby/werk en maken we zo de nodige reisjes door het land. Verder hebben we ons opgegeven voor de helpende handen. We wonen dicht bij Nijkerk dus we kunnen er op de fiets naartoe. Onlangs zijn we gevraagd om samen met een aantal vrijwilligers invulling te geven aan de ledendag van 2027.
Wat vinden jullie het leukste aspect van jullie vrijwilligerswerk?
Je leert weer een heleboel mensen kennen en iedereen is bezig met deze geweldige creatieve hobby. Vooral de dagen dat je samen met de andere regiovertegenwoordigers vergadert en samen elkaar kunt inspireren, vinden we erg leuk. Het kost energie maar we krijgen er ook energie van.
Wat vinden jullie het minst leuke aspect van jullie vrijwilligerswerk?
Je bent er wel altijd op de achtergrond mee bezig. Elke beurs kijken we of we iets kunnen vinden voor de volgende regiodagen. Je moet zogezegd eigenlijk altijd aan staan, maar eigenlijk beleven we daar ook weer lol van.
Anneke & Anneke als quilter
We hebben ook een aantal vragen gesteld over de quilts die Anneke & Anneke zelf maken en over hun passies op quiltgebied.
Hebben jullie een favoriete quilter?
Ik (Anneke Wieldraaijer) vind Hilde Hoogwaerts geweldig. Wat zij maakt van Afrikaanse stoffen is uniek. We zijn beiden naar een workshop van haar geweest in de Elzas.
Ook ben ik de laatste tijd bezig met collagequilten en dat is ook weer een echte uitdaging.
Je leert op een heel andere manier naar stoffen te kijken. Ik (Anneke Westland) sluit mij hier graag bij aan, maar vind verder iedereen die enthousiast is over haar hobby favoriet, zoals Fanny Eikelenboom, Marjon Hoftijzer.
Passen de quilts die jullie zelf maken binnen een bepaald genre? Welk genre?
Ik (Anneke Wieldraaijer) ben begonnen met traditioneel quilten, workshops gevolgd bij Laura Strating-Janssen in Amersfoort. Daar heb ik veel geleerd. De laatste tijd ben ik wat moderner gaan quilten. Beiden hebben we een workshop gevolgd bij Galla Grotto, ook dat vonden we heel inspirerend.
We vinden het quilten met de naaimachine het fijnst. Een keer per maand zit ik op een Bee in Linschoten. Daar werkt iedereen op de naaimachine. Liliane Suurenbroek is een van de initiatiefnemers van deze Bee. Bij haar hebben we workshops gevolgd om te werken met de linialen van Deb Tucker.
Geweldig om mee te werken. Tijdens een ledendag van het quiltersgilde in Nijkerk kwamen we hiermee in aanraking.
Ik (Anneke Westland) kreeg mijn eerste lessen in Hoogland (Amersfoort) en heb daarna verschillende workshops gevolgd, zowel traditioneel als modern. Leuk om ook verschillende technieken te leren. Om soms tot de conclusie te komen dat iets helemaal niets voor mij is.
Aan hoeveel projecten werken jullie tegelijkertijd?
Ik (Anneke Wieldraaijer) meestal niet meer dan drie tegelijk. En ik hou ervan om alles ook af te maken. De grote quilts laat ik meestal doorquilten door iemand anders die een longarmmachine heeft. De kleinere quilts probeer ik nu zelf door te quilten. Ik (Anneke Westland) heb nog aardig wat onafgemaakte quilts liggen, dus heel veel tegelijk 😊
Wat is jullie favoriete zelfgemaakte quilt? Kun je daar iets meer over vertellen?
Anneke Wieldraaijer: Voor elk van mijn kinderen heb ik voor hun trouwen een sprei gemaakt. Dat vind ik heel waardevol. De eerste quilt voor mijn tweede zoon heeft op de tentoonstelling gehangen en daar is een kaart van gemaakt. De beide andere quilts voor mijn eerste zoon en dochter hebben in Alkmaar en Deventer gehangen.
En onlangs heb ik tijdens een workshop van Ria Mille uit België gevolgd, het roodborstje dat ik daar heb gemaakt is ook een favoriet van mij.
Ik heb meegedaan aan het project Connected in Red. De Quilt Starry starry night heeft in de Elzas gehangen. Hier is een kaart van gemaakt. Dat vind ik ook een hele eer.
Anneke Westland: gezien het feit dat mijn kinderen het leuk vinden dat ik een hobby heb, maar zelf niet echt iets hebben met quilts heb ik mij met name gericht om de kleinkinderen, dekbedjes, box en wandkleden te geven.
Welke quilt zijn jullie op dit moment aan het maken? Kun je daar iets meer over vertellen?
Anneke Wieldraaijer: Op dit moment ben ik aan het nadenken wat ik met het sitsenproject ga maken. Ook mijn kleindochter Esther doet mee en maakt haar droomtuin met de techniek van het collagequilten. Mijn enthousiasme voor het quilten probeer ik ook aan haar over te brengen.
Michelle Hyatt uit Amerika is een fervent quiltster met de linialen van Deb Tucker. Ze bedenkt hiermee mystery quilts waar je op kunt abonneren. Elke week krijg je huiswerk en na 16 weken is de quilt klaar. Hiervan heb ik er 6 gemaakt. De laatste mystery heb ik net afgemaakt.
Anneke Westland: Ik heb in de zomer niet zo heel veel zin, maar als het in het najaar weer gaat kriebelen ga ik eerst maar weer aan de slag met de onafgemaakte werkstukken.
Wat vind jullie het leukst om te doen als het om patchwork/quilten gaat?
Wij vinden het leuk om iedere keer wat anders te doen en onszelf zo uit te dagen. Onze naaimachine is hierbij onmisbaar.
Als jullie onbeperkt tijd en geld zouden hebben, wat zouden jullie dan het liefste willen doen of willen maken als het om patchwork en quilt gaat?
Wij hopen nog heel lang plezier te hebben in het maken van quilts en het organiseren van de regiodagen om zo andere mensen te enthousiasmeren.
Aan welke vrijwilliger willen jullie het stokje doorgeven?
We geven het stokje door aan Loes Zee.
Tot slot
Bedankt Anneke & Anneke, voor het inkijkje dat je ons hebt gegeven in jullie functie bij het Quiltersgilde en jullie eigen werkstukken als quilter.
Speciaal voor het sitsenproject ‘De Hollandse Tuin 2.0’ is een serie blogverhalen geschreven door verschillende quilters. Allerlei onderwerpen passeren de revue. Het kan gaan over geschikte boeken met patronen of juist over één patroon. Er wordt geschreven over praktische tips bij het werken met deze bijzondere stoffen. Allemaal verhalen die je op weg kunnen helpen tijdens het werken aan dit sitsenproject ´De Hollands Tuin 2.0`.
Dit keer deelt Janine van Dijk haar proces van proefblokken maken en deze verwerken tot een eigen sitsenquilt. Een proces van keuzes maken, heel veel keuzes!
Van proef tot quilt
Door: Janine van Dijk
Toen ik de vraag kreeg om met een strook sitsen uit de stoffenserie ‘De Hollandse Tuin’ proefblokken te maken voor bij de verkoop van de sitsen in Rijswijk, was ik gelijk verliefd op de kleur petrol die zo goed bij de kleuren sits paste.
Ik dacht ook de kleur sits gekozen te hebben waarvan ik dacht dat het de minst verkochte zou worden. Dat bleek niet zo te zijn, het was een kleurencombi die in Rijswijk al uitverkocht was.
Ik koos voor een modernere vorm voor deze oude sitsen. Thuis de stof naast mijn eigen stoffen gelegd en er een paar uitgekozen. Moderne stoffen samen met de oude, dat was immers de bedoeling, verbinding tussen toen en nu. Eindelijk zag ik ook kans om het gouden stofje uit mijn voorraad te gebruiken.
Ik wou geen vierkante of rechthoekige proefblokken, dat was voor mij te gewoon. Ik wou anders, quilters op andere gedachten brengen en koos voor driehoeken. In mijn hoofd zouden de driehoeken bomen worden. Niet altijd wordt wat ik bedenk, ook realiteit, maar in dit geval wel.
Herinneren jullie je dit bord met voorbeelden nog?
Na de verkoopdagen in Rijswijk, Hardenberg en Houten kreeg ik de proefblokken terug. Ik maakte er eerst een aantal bij en dacht na over “hoe nu verder?” Als de driehoeken bomen zouden worden, dan komen de bomen naast elkaar, eventueel over elkaar heen, verspringend of niet…
Ik vond verspringend te druk, koos voor meer rust. De driehoeken vroegen uit zichzelf al om aandacht.
Het thema is “Hollandse Tuin 2.0” en om het bomen te laten lijken moest er iets bij.
Ik koos voor stammetjes, dat is duidelijk genoeg. Dan is er geen twijfel meer mogelijk.
Maar is er ook achtergrond nodig. De driehoeken zelf hebben een basis nodig. Welke kleur past daar bij? Wat ik ook probeerde, het paste niet. Geen bloemetje, geen printje, het leek vreselijk.
Ik kreeg het advies om eens naar Grunge te kijken. Dat bleek een schot in de roos, ik kon door.
Maar een Grunge kleur kiezen? Nou, dat was nog wel een dingetje. Bij een quiltwinkel in Kerkwerve kon ik een kleurenkaart aanschaffen. Dat leek een goed idee 😊 Toen ik die had zag ik dat er heeeeeel veeeel kleuren Grunge zijn. En door die hoeveelheid werden de kleurblokjes op de kaart heel klein. Te klein om te kiezen. De keuze is reuze…..
Ik heb de quiltwinkel 4 kleuren laten kiezen bij de petroltint, in verschillende gradaties. Daar zou vast de goede wel tussen zitten dacht ik. Via whatsapp de keuze gemaakt. De stoffen kwamen per post (de winkel is echt veel te ver weg voor mij) en ik legde ze bij de al gemaakte driehoeken. En ze passen (vind ik) en ik ga ze bijna allemaal gebruiken besloot ik. Zo ontstaat iets meer variatie.
Toen werd het knippen en schikken. Op de grond. Staan, van bovenaf kijken, verleggen, kijken, verleggen. Ach jullie weten hoe dat gaat. Maar onze Lotte was er klaar mee.
Ze ging er gewoon op zitten en keek me aan met een blik die zegt “je kan wel blijven schikken maar dat schiet niet op, je moet niet zo moeilijk doen”.
Ze heeft gelijk. Al naaiend wissel je soms alsnog om.
Ik ben gaan naaien. ik ben een handnaaister dus het duurt even.
Het moet wel af voor 1 december. Dan moet de quilt zijn aangemeld voor de tentoonstelling.
Dus wie weet zien jullie later het eindresultaat.
https://www.quiltersgilde.nl/wp-content/uploads/2026/07/Sitsenblog-20-juli-2026-4.jpg508800Sylvia Jansenhttps://www.quiltersgilde.nl/wp-content/uploads/2019/10/logo-quiltersgilde-300x88.pngSylvia Jansen2026-07-20 08:00:202026-07-13 17:12:01Van proef tot quilt
Aan de oproep van het Quiltersgilde onder andere via onze nieuwsbrief is goed gehoor gegeven.
Via het Quiltersgilde kon om materiaal worden gevraagd, banner, edities van Quiltnieuws om uit te delen, poster/flyer om zelf in te vullen. Daar is op verschillende plaatsen in het land gebruik van gemaakt. Erg leuk!
Hier volgen een paar voorbeelden van hoe de Quipday in het land verlopen is.
Want wat was het warm!!!En hoe creatief zijn jullie om in een autovrije winkelstraat, een bibliotheek, op een schoolplein of gewoon voor je eigen huis je Quipday te organiseren.
En er is zelfs al aandacht voor de datum volgend jaar! Zaterdag 19 juni 2027.
Ruurlo
In het autovrije straatje ben ik in de winkel van ‘Tante Janny’ gaan vragen of ik voor de winkel mocht gaan zitten. Dat was helemaal prima, leuk! De winkel ernaast, met houten meubels en woonaccessoires, had een picknick tafel buiten staan. Ook die mochten wij gebruiken, we werden enthousiast ontvangen. Het was een hete dag maar gelukkig was er op ons plekje de hele dag schaduw. Wij werden de hele dag voorzien van koffie, thee of water. Vanwege de warmte was er niet heel veel aanloop, maar degenen die langs kwamen, waren erg geïnteresseerd. Ook veel quilters die ik gelijk uitnodigde voor de handwerkochtend van ’t Dorpshuis waar ik vrijwilligster ben.
De medewerkster van ‘Tante Janny’ heeft de datum voor volgend jaar al in de agenda gezet.
En wij, de quiltgroep ‘Lapjestoverij’ uit Warnsveld maken alweer plannen voor 19 juni 2027.
Tilly
Brasschaat(België)
Anja vertelt dat dit een heel actieve groep is waarvan de leden ook regelmatig naar een regiodag komen. Ze houden onderling ook een quiltmidweek in het najaar in Zeeland. Voor Quipday hadden ze een werkje voorbereid voor de belangstellenden maar ook zelf gemaakt.
Anja
Emmeloord
Uitgeteld nu! Maar wat een leuke dag heb ik gehad voor mijn eigen huis. Voor de QUIPD had ik uitnodigingen gemaakt voor buren en kennissen. Voor mensen wat verder weg heb ik de foto’s verstuurd per app of e-mail. Aan het weer heeft het wel een beetje gelegen, maar ik kreeg toch 19 bezoekers. Trots als een pauw heb ik voor mijn huis mijn werk laten zien wat er door de zon nog mooier uitzag. Ik heb er over verteld en laten zien hoe ik het op mijn naaimachine voor elkaar heb gekregen. Een van de bezoekers wil het graag leren als het winter is en een ander heeft mij uitgenodigd om een presentatie en uitleg te geven in haar buurthuis.
Margriet
Drachten
De leden van ‘De Drachtster Draadjes’ kwamen bij elkaar in de bibliotheek in Drachten. Samen voorbereid en voorbeelden gemaakt van speldenkussen, naaldenboekje en een applicatiewerkje.
Ook voor kinderen lag er een werkje klaar. Via de socials aangekondigd. Alleen de voorbereidingen waren al leuk. We mochten vanuit de bibliotheek de quiltboeken erbij zetten en hebben eigen quilts opgehangen om te laten zien.
We hadden ondanks de hitte, toch wat aanloop. Vooral van geïnteresseerde quilters en handwerkers. Een aantal heeft lekker mee gequilt en anderen hebben gekeken. En vooral gekletst. Het was erg gezellig en we hebben veel foto’s gezien van prachtige kunstwerken. Erg leuk om te doen, met onze bee zomaar klaar in de voorbereidingen. Volgend jaar doen we vast weer mee.
Gerdien
Burgh Haamstede
We mochten op het schoolpleintje van museum de Burghse Schoole deze dag vormgeven. Het was ook de laatste zaterdag van de Kunstschouw, die elk jaar omstreeks deze tijd gehouden wordt op de kop van Schouwen, en daardoor waren er veel mensen op de fiets of aan de wandel. Het werd erg gewaardeerd als we de verhalen vertelden, die soms bij een quilt horen.
Sylvia
Leek
Quiltgroep Passage – Leek e.o. heeft naast het tonen van verschillende kunstwerken en inspiratiemateriaal, aan belangstellenden laten zien waar zij zoal mee bezig is. Onder andere het maken van een hexagon-quilt, een quilt sandwichen, een weer gevonden werk afronden, het maken van een speelkleed.
Belangstellenden werd de gelegenheid geboden om (een gedeelte van) een hartje te quilten, naar een voorbeeld van het Quiltersgilde. Door de leden zijn sterren gemaakt, naar een voorbeeld uit een tijdschrift.
Als de deken af is wordt deze geschonken aan de stichting Krachtdekens. (www.krachtdekens.nl).
Dank aan de Winkeliersvereniging De Liekeblom, voor het welslagen van de ‘Quilt in Public Dag’, door met ons mee te denken en voor het regelen van voldoende tafels en stoelen, koffie, thee en water, voor zowel de quilters als de bezoekers.
Bregina en Tity
In het Quiltnieuws van september lees je nog meer verhalen over Quipday.
https://www.quiltersgilde.nl/wp-content/uploads/2026/07/burgh800.jpg800800Conny Dienskehttps://www.quiltersgilde.nl/wp-content/uploads/2019/10/logo-quiltersgilde-300x88.pngConny Dienske2026-07-10 08:00:102026-07-22 10:09:10Quipday, een succes in 2026?
Speciaal voor het sitsenproject ‘De Hollandse Tuin 2.0’ is een serie blogverhalen geschreven door verschillende quilters. Allerlei onderwerpen passeren de revue.
Het kan gaan over geschikte boeken met patronen of juist over één patroon. Er wordt geschreven over praktische tips bij het werken met deze bijzondere stoffen. Allemaal verhalen die je op weg kunnen helpen tijdens het werken aan dit sitsenproject ‘De Hollandse Tuin 2.0’.
Dit keer schrijft Joke van de Kracht over de eerste tentoonstelling ‘De Hollandse Tuin’ die in 1996 werd uitgeroepen door Den Haan & Wagenmakers. Naar aanleiding van het uitbrengen van de sitsen stoffenserie genaamd ‘De Hollandse Tuin’, die door Rudolf Den Haan zelf werd ontworpen, komen de catalogus, de gebruikte technieken voor al die quilts en de ervaringen van een deelneemster van toen, Mieke Gootjes, aan bod.
Over de tentoonstelling ‘De Hollandse Tuin’ 1996:
Catalogus
Ter gelegenheid van deze speciale quilttentoonstelling in 1996, werd een catalogus uitgebracht met daarin de 63 tentoongestelde quilts. Deze catalogus werd uitgegeven door Den Haan & Wagenmakers en werd gedrukt in Amsterdam door Drukkerij: Polyprint in 1996. De afbeelding van het oud Hollandse tuinontwerp van kasteel ’t Loo staat als ontwerp op de omslag van de catalogus.
Uit het voorwoord van Rudolf Den Haan en An Moonen:
In het voorwoord schrijft Rudolf Den Haan: “In die overvloed van voorgebakken combinaties moet men wel alert blijven als het gaat om originaliteit en creativiteit. Voor de liefhebbers van een stukje Nederlandse cultuurverwerking in patchwork, produceren wij onze collectie sitsen….Met deze tentoonstelling wilden we ook wat anders. Vandaar het thema!”
An Moonen schrijft in het voorwoord naar haar zoektocht naar de oorsprong van de motieven.
“Mijn zoektocht naar tekeningen, boeken, en manuscripten, waar deze figuren stonden afgebeeld leverde een merkwaardig resultaat op: de bijna letterlijke overeenkomst van het doorstikwerk met de ontwerpen uit? het hoofdstuk “Tweehondert modellen, voor de liefhebbers van hoven en thuynen”, in een 17de eeuws tuinboek.
Dit boek ’Den Nederlandtsen Hovenier’, geschreven door Jan van der Groen in 1669, zou mogelijk gebruikt kunnen zijn als inspiratiebron voor de in India doorgestikte sitsen dekens uit de 18de eeuw.”
Dit naslagwerk is gedigitaliseerd en in zijn geheel online in te zien. De officiële titel luidt: Naslagwerk uit 1669: Den Nederlandtsen HOVENIER, zijnde het II. deel van het vermakelijck Landt-leven. Jan van der Groen, Hovenier van Syn Hoogheydt, den Heere Prince van Orangien.| Klik HIER voor dit boek.
De jury bestaande uit Marian Polak, Henriette Beukers, An Moonen en Rudolph den Haan, heeft met veel genoegen de keuze gemaakt welke quilts in aanmerking kwamen voor deze tentoonstelling en catalogus.
Een deelneemster van de quilttentoonstelling toen aan het woord; Mieke Gootjes.
Mieke beschrijft haar ervaring als volgt:
“Wat leuk dat je me vraagt over ‘de Hollandse tuin’. Ik heb dat indertijd een bijzondere ervaring gevonden. Ik was toen nog maar een paar jaar lid van het gilde maar had zoveel ideeën en stortte me in elke uitdaging die ik tegenkwam.
Had je direct een idee?
Ja, ik was op dat moment nogal in de ban van de ‘colourwash’ techniek en de plattegronden van doolhoven in het boek van Jan van der Groen vond ik ook inspirerend.
Bij colourwash moeten de kleuren van licht naar donker overlopen en dat lukt vaak het best met bloemenprintjes. Er zijn zo’n 1500 verschillende bloemenlapjes gebruikt.
Bloemenhagen in het doolhof en de diagonale setting van licht en donker alsof het zonlicht en de schaduw over het doolhof glijden. Het was nog een hele uitdaging om de juiste padenstof te vinden die dat effect het best deed uitkomen.
Waar was de tentoonstelling?
In Amsterdam aan de Singel, de Doopsgezinde kerk als ik me goed herinner.
Waren er vooraf voorwaarden waar je op moest letten in afmeting ofverwerking?
Nee, afmeting was vrij. Mijn quilt is bedformaat dus hing hij aan de balustrade van de galerij van de kerk, jammer want je kon het niet van dichtbij bekijken.
De enige voorwaarde was dat het geïnspireerd moest zijn op de Hollandse tuin.
De quilt heb ik enige jaren geleden geschonken aan de Nationale QuiltCollectie.”
Over de gebruikte technieken:
Voor de 63 quilts die samen de tentoonstelling hebben gevormd, zijn ongelooflijk veel technieken gebruikt. Zowel traditionele, moderne als art-quilts werden ontworpen. Mieke Gootjes koos in 1996 voor ‘colourwash’ en 1500 verschillende bloemenlapjes. Weet jij al wat je kiest in 2026? Hoe maak jij er ‘de Hollandse tuin 2.0 ‘ van?
Traditioneel; Hand-Machine piecing, applicaties-borduren, Dresden Plate, Mola, 150 verschillende bloemenprints, Grandmother’s Flowergarden, Log Cabin variaties, blokken in applicatietechniek rondom een centrum, patroon Sunburst, Baltimore versus Holland, Broderie perse, medallionquilt, kompas mozaïek, zomerse bloemenmandjes.
Deze bloemenmandjes hebben als patroon in de Quiltnieuws van de eind jaren ‘90 gestaan.
Art: sitsen-blauwdrukken en ruiten, handgeverfde en handgedrukte stoffen, fototransfer, plantafdrukken op zijde, ‘If I had a Hammer’, symbolisch kleurgebruik als oranje tulp-blauw grijs Hollandse luchten, vrij doorstikwerk.
Modern: moderne strakke uitstraling, swinging corners, rond lijnenspel in symmetrie, snijtechniek free hand curving, geïnspireerd op merklapidee rondom centrum, techniek Lucy Huig-Dunnebier- 3D bloemen- quilt op de kop gaan bloemen open gaan.
Zo deden zij het… hoe gaan jullie het dit jaar doen?
We zijn heel blij met onze ongeveer 70 vrijwilligers die allerhande werkzaamheden verrichten voor het Quiltersgilde! Maar wie zijn dat eigenlijk? Wat doen ze? En wat houdt hen bezig, met name op het gebied van quilten? Zo ontstond een wens om onze vrijwilligers af en toe eens in de schijnwerpers te zetten. De vorige vrijwilliger in de schijnwerpers, Yvonne van der Sluijs, heeft het stokje doorgegeven aan:
Ida Berens
De functie(s) bij het Quiltersgilde
We beginnen met een aantal vragen over het vrijwilligerswerk dat Ida voor het Quiltersgilde doet.
Wat is je functie als vrijwilliger bij het Quiltersgilde?
Ik ondersteun, sinds eind december 2023/begin januari 2024, Ineke Scheepbouwer met de ledenadministratie en sinds maart dit jaar stuur ik de nieuwe leden, die zich via de site hebben opgegeven, ook het welkomstcadeau.
Hoe ben je terecht gekomen als vrijwilliger bij het Quiltersgilde?
In het Quiltnieuws 2019 las ik een oproep voor vrijwilligers voor de Algemene Tentoonstelling van 2020 in Nijkerk. Aangezien ik in Amersfoort woon (10 km vanaf Nijkerk) en Nijkerk mijn geboorteplaats is, was het een leuke kans om bij dit evenement te kunnen helpen.
Kun je iets vertellen over de activiteiten die je doet voor het Quiltersgilde?
Organiseren van vrijwilligers voor de Algemene Tentoonstelling in Nijkerk
Tijdens de eerste vergadering in Nijkerk werden de taken verdeeld. Mijn taak werd het organiseren van voldoende gastvrouwen die tijdens de expositie een oogje in het zeil hielden en een vraagbaak waren voor de bezoekers van de tentoonstelling. Jammer genoeg werd een dag later door Mark Rutte en consorten besloten dat het land “op slot” ging en dus de Algemene Tentoonstelling niet door kon gaan.
In 2023 ging de tentoonstelling in Nijkerk wel door. Samen met Loes heb ik toen voldoende gastvrouwen geregeld. Dit klinkt nu heel eenvoudig, maar het kostte best veel tijd, energie en geregel, maar uiteindelijk is het naar tevredenheid gelukt.
Ledenadministratie
In die week had ik erg leuke contacten met de dames van de Tentoonstellingscommissie. Een paar maanden later werd ik gebeld door Ineke Scheepbouwer die mij vroeg haar te helpen met de ledenadministratie. Ik ben geen type voor bestuurszaken, een functie in het bestuur, redactie, commissies is niks voor mij, maar deze taak leek mij leuk om te doen. Gewoon thuis achter de computer de mails verwerken die binnen kwamen. Nieuwe leden invoeren, adreswijzigingen, beëindigen van het lidmaatschap en diverse vragen beantwoorden, enz.
Ook help ik met enige regelmaat mee op diverse beurzen, (Rijswijk, Houten of Den Bosch). Ik vind het heel erg leuk om in de stand te staan en met veel mensen contact te hebben en ze enthousiast te maken om lid te worden.
Met de groep “Helpende handen” doen we ook een paar keer jaar wat “klussen” voor het Quiltersgilde, zoals vullen van ledendozen, stoffen snijden (zoals bv dit voorjaar de Sitsen)
Ida als quilter
We hebben ook een aantal vragen gesteld over de quilts die Ida zelf maakt en over haar passies op quiltgebied.
Ribbon dance
Mysterie Maaike Bakker
Toon Tieland nagemaakt in glas in lood techniek, Laura Strating
Heb je een favoriete quilter? Wat is je favoriete quiltboek?
Ik heb geen favoriete quiltster of een favoriet boek. Ik heb wel een favoriete “juf”, nl Laura Strating – Janssens, bij haar heb ik (toen zij nog in Amersfoort woonde, ongeveer 500 meter bij mij vandaag) in 2011 de basiscursus (met de hand) gevolgd. Het quiltvirus sloeg gelijk toe. Daarna volgde diverse cursussen op allerlei vlakken en gebieden. Ze heeft een goed ontwikkeld didactisch vermogen, helder en duidelijk, geduldig, en het is altijd gezellig.
Passen de quilts die je zelf maakt binnen een bepaald genre? Welk genre?
Ik heb geen uitgesproken genre, soms traditioneel, soms heel modern, klein, groot van alles wat, tasjes, etui’s, kussentjes e.d.
Wat is je lievelings zelfgemaakte quilt? Kun je daar iets meer over vertellen?
Ik heb één quilt die mij zeer dierbaar is. De quilt, genaamd Lights in the valley, ben ik gestart tijdens een mystery quilt week in Diever, bij Laura Strating in 2016. Nadat de quilt af was overleden, kort na elkaar in 2016 en 2017, mijn schoonvader en zwager. Op verzoek van mijn schoonmoeder en schoonzus heeft mijn quilt over de kist gelegen tijdens de plechtigheid. Heel bijzonder. De quilt heeft in 2016 op de tentoonstelling in Breda gehangen.
De tweede quilt die ik wil benoemen is de quilt die ik gemaakt heb nav een vakantie in Zuid-Afrika. Kort nadat we terug kwamen daarvan begon Heleen Pinkster in 2013, met het uitgeven haar jaarpatroon van Zuid-Afrikaanse dieren, die moest gemaakt worden natuurlijk! Uiteindelijk siert mijn “Afrikaanse Quilt” de omslag van het boek wat Heleen ervan gemaakt heeft. Door omstandigheden was Heleen niet in de gelegenheid de patronen zelf te verwerken tot een quilt. Deze quilt heeft in 2015 op de tentoonstelling in Deventer gehangen.
Welke quilt ben je op dit moment aan het maken? Kun je daar iets meer over vertellen?
Op dit moment ben ik bezig met twee kleine projectjes van collage quilten, 2 verschillende manieren van werken. Dat zorgt bij mij wel voor veel keuzestress, qua soorten lapjes en kleurtjes die ik kan gebruiken.
Ik werk graag aan de hand van een patroon, maar wijk daar ook altijd van af om mijn “eigen draai” er aan te geven.
In het begin maakte ik mijn quilts met de hand, maar tegenwoordig gebruik ik steeds vaker de machine.
Aan hoeveel projecten werk je tegelijkertijd?
Ik werk meestal wel aan 2 á 3 projecten tegelijk, meer niet, ik wil geen kast vol hebben liggen met half afgemaakt projecten. Wel heb ik nu 2 projecten liggen waarmee ik nog moet starten, maar niet eerder nadat ik de 2 collagequiltjes af heb.
Aan welke vrijwilliger wil je het stokje doorgeven?
Ik wil graag het stokje doorgeven een duo, nl aan Anneke Westland en Anneke Wieldraaier, twee vriendinnen/schoonzussen, die altijd samen op pad zijn. Ik heb ze leren kennen tijdens de Algemene Tentoonstelling in Nijkerk, waar ze gastvrouw waren. Beide zijn regiovertegenwoordiger van de regio Utrecht en organiseren altijd super leuke dagen in Bunschoten.
Tot slot
Bedankt Ida, voor het inkijkje dat je ons hebt gegeven in je functie bij het Quiltersgilde en je eigen werkstukken als quilter.
https://www.quiltersgilde.nl/wp-content/uploads/2026/06/Blog-vrijwilliger-schijnwerper-Ida-4.jpg800789Sylvia Jansenhttps://www.quiltersgilde.nl/wp-content/uploads/2019/10/logo-quiltersgilde-300x88.pngSylvia Jansen2026-06-29 08:00:402026-06-25 12:11:34Vrijwilliger in de schijnwerper – Ida
Speciaal voor het sitsenproject ´De Hollandse Tuin 2.0´is een serie blogverhalen geschreven door verschillende quilters. Allerlei onderwerpen passeren de revue.
Het kan gaan over geschikte boeken met patronen of juist over één patroon. Er wordt geschreven over praktische tips bij het werken met deze bijzondere stoffen. Allemaal verhalen die je op weg kunnen helpen tijdens het werken aan dit sitsenproject ´De Hollands Tuin 2.0`.
Deze keer delen we de vragen die we via de mail ontvingen. En de antwoorden natuurlijk.
Gelukkig weten jullie onze mailbox (sitsenproject@quiltersgilde.nl) te vinden. De meeste vragen gingen over de aanmelding en hoe stofjes te krijgen. En ook daar hebben jullie je weg gevonden. Ruim 250 mensen hebben zich aangemeld en de meesten hebben op een van de beurzen of via de website een stofje verworven.
Hier nemen we alle andere vragen op die we hebben gekregen. Het is een overzichtelijk lijstje dus waarschijnlijk is de informatie op de website voor veel mensen duidelijk. Maar schroom niet als iets niet helder is, ons mailadres blijft open!
Vraag: kan ik met een 3D-werk meedoen aan de wedstrijd?
Antwoord: nee, de wedstrijd is alleen voor quilts. Op de tentoonstelling is wel alle ruimte voor 3D-werkstukken, mits ze voldoen aan de maximale grootte (35x35x35 cm).
Vraag: kan de quilt voor een deel uit minder dan drie lagen bestaan?
Antwoord: Ja, als in de quilt als geheel maar wel drie lagen gebruikt worden.
Vraag: ik heb nog veel sitsen in mijn voorraad. Kan ik meedoen zonder stof te kopen?
Antwoord: Ja, dat kan. Een van de gebruikte sitsen moet wel uit de stoffenserie ‘De Hollandse tuin’ zijn. Als je die in je voorraad hebt, hoef je geen stof te kopen.
Vraag: Kan ik twee werken inschrijven, een voor de wedstrijd en een voor de tentoonstelling?
Antwoord: Nee, je zult moeten kiezen. Als we kijken naar het aantal aanmeldingen verwachten we dat er geen ruimte is om per persoon meer dan één werk tentoon te stellen.
Om mee te doen moet je daarnaast het inschrijfformulier invullen. Dit verschijnt eind juni op de website.
Vraag: Is er een thema?
Antwoord: Ja. Het thema is “De Hollandse tuin 2.0”. De Hollandse tuin verwijst naar de naam van de stoffenserie, we hebben 2.0 toegevoegd omdat de stoffen met andere, hedendaagse stoffen gecombineerd worden en zo een nieuwe invulling krijgen. De invulling van het thema is vrij, er is alle ruimte voor je eigen interpretatie. We hebben in een blog meer aandacht besteed aan de (mogelijke) betekenis en invulling van het thema om deelnemers op weg te helpen of te inspireren. Thema “De Hollandse tuin 2.0” – wat kun je daarmee? – Quiltersgilde
Voor de jeugd geldt een aangepast thema: ‘Mijn droomtuin’.
Vraag: Wat wordt bedoeld met een 3D-werkstuk? Is dit hetzelfde als een 3D-quilt?
In de tentoonstelling is ruimte voor 3D-werkstukken, dat wil zeggen werk dat zowel breedte als hoogte en diepte heeft. Niet te verwarren met het begrip 3D-quilt, waarbij in een plat vlak (een quilt) de illusie van diepte wordt gecreëerd door het gebruik van kleur en vlakverdeling.
3D-werkstukken kunnen alleen met de tentoonstelling meedoen, niet met de wedstrijd (die is alleen voor quilts). Een 3D-quilt kan wel met de wedstrijd meedoen, dat is immers een quilt 😉
Vraag: Kan ik inschrijven als ik me niet voor 1 juni heb aangemeld?
Ja, dat kan. Eind juni wordt het inschrijfformulier op de website geplaatst. Je kan je dan alsnog inschrijven door dat in te vullen.
Vraag: Mag ik de quilt ook in liggend formaat maken?
In de voorwaarden stond een maximale maat vermeld van 80 cm breed en 120 cm hoog. Staand formaat dus. Verschillende mensen hebben gevraagd of ook een liggend formaat mogelijk is, dus 120 cm breed en 80 cm hoog. Vanwege de belangstelling voor een liggend formaat hebben we de voorwaarden voor de tentoonstelling aangepast, daar mag je dus ook een liggend formaat maken binnen de maximale maten van 80×120 cm. Let wel op: voor de wedstrijd blijft de vaste maat van 80 cm breed en 120 cm hoog een voorwaarde. Het zou immers niet eerlijk zijn om tijdens de wedstrijd de voorwaarden te veranderen.
Vraag: Ik heb me al aangemeld. Moet ik het inschrijfformulier dan nog invullen?
Ja. Bij je aanmelding heb je alleen de basisgegevens opgegeven. Met het inschrijfformulier laat je definitief weten dat je mee wilt doen, in welke categorie en geef je meer informatie over je quilt. Bijvoorbeeld de titel en afmetingen. Ook ga je met het invullen van het inschrijfformulier akkoord met het tentoonstellen van je quilt en de voorwaarden. Je hoeft het inschrijfformulier niet meteen in te vullen. Je hebt tot 1 december de tijd.
Ik zit in de fase dat de kleinkinderen komen. Inmiddels is de derde op komst. En aangezien mijn kinderen fan zijn van mijn werk (erg leuk!) wil ik ook die kleintjes voorzien van zelfgemaakte spulletjes. Boxkleed, wandkleed, luiertas, speelkleed, mogelijkheden genoeg. Maar waar vind je de tijd, zeker als je ook nog je eigen dingen wilt maken? Ik was dan ook steeds meer op zoek naar een snelle manier om iets leuks te maken. En dit speelkleed heb je zo gemaakt.
Een speelkleed
Het kleed wordt in vier delen gemaakt. Knip per deel de achterkant en batting en leg die op elkaar. De top wordt er met een ‘quilt as you go’ methode op genaaid. Speld eerst je middenstuk op de goede plaats. Leg er een strook op (goede kanten op elkaar) en stik vast. Vouw dan de strook om (met de goede kant naar boven) en naai de volgende strook vast. Zo ga je door tot het hele vlak gevuld is. Ik heb gekozen voor schuin gesneden stroken om het wat speelser te maken, maar rechte stroken kan natuurlijk ook.
De vier stukken worden aan elkaar gezet met smalle biezen. Neem het eerste deel en stik tegelijkertijd een bies aan de voor- en achterkant. Zorg dat je naadbreedte gelijk is aan de helft van de bies-breedte. Vervolgens stik je de voorkant van het tweede deel aan de bies vast. De bies aan de achterkant zoom je met een inslagje vast.
Quilten hoeft niet (mag natuurlijk wel). Dus dan alleen nog een bies en klaar is kees.
Junglekleed
Bij het junglekleed hieronder heb ik de stroken niet op de batting, maar op de ‘gewone’ manier aan elkaar gezet. Omdat de batting en achterkant later zijn toegevoegd moest er hier nog wel gequilt worden, maar daar staat tegenover dat de delen zonder bies aan elkaar gezet konden worden.
Ik heb bij het junglekleed bij het vastzetten van de bies een tunnel meegenaaid waar een koord doorheen gaat, zodat je het kleed inclusief speelgoed gemakkelijk bij elkaar kan pakken. Bij het poezenkleed heb ik daarvoor ringen gebruikt.
Wil je het ook proberen? Succes! En voor de toekomstige gebruiker veel speelplezier!
https://www.quiltersgilde.nl/wp-content/uploads/2026/06/foto-1-poezenkleed.jpeg638640Conny Dienskehttps://www.quiltersgilde.nl/wp-content/uploads/2019/10/logo-quiltersgilde-300x88.pngConny Dienske2026-06-10 08:00:222026-06-03 09:35:11Een snel speelkleed